donderdag 28 oktober 2010

Geheim: Wie stopt in Eindhoven heeft het mis

Designers neigen deze week naar Eindhoven waar de Dutch Design Week vlaggend door de stad waart. Ze gaan de goede kant op. Maar wie in Eindhoven stopt, heeft het mis.

Een paar kilometer noordelijk, op landgoed Velder, is circusfestival Circo Circolo. Wat heeft dat met design te maken? Ik houd niet van circus...

Geeft niet. Loop door de foyer, negeer de clowns, de jongleurs, het spel en de spelen. Rechtdoor naar buiten door de achterdeur. Wandel door het natte (oktober) gras, negeer de vuren, de banken en de rijen voor de tenten. Richt je iets naar links: ‘Monstration en La Motte’. Daar moet je zijn.

Meer dan design, meer dan beeldende kunst. Waanzinnig ontworpen tekens krijgen een eigen logica. Er zijn tekenende dennenappels (echt!). Fietsen die onmogelijk maar toch bewegen, hun vooruitgang nauwkeurig bijgehouden met krijt op bord. Boeken waarin woorden door mandarijnen vertaald worden in tekens.

Geen elektriciteit, niet eens groene stroom. Wel een groene grasbal die – uit zichzelf – over een parcours rolt, langzaam, langzaam, water en zwaartekracht. Nieuwe energie, of beter, bestaande energie ingenieus gebruikt. Nieuwe vormen, of beter, bestaande vormen anders betekenis gegeven.

Johann Le Guillerm exposeert zijn zoektocht, die moest leiden tot een voorstelling, Cirque Ici: Secret. Die speelt ook op het circusterrein. Misschien de vooroordelen opzij zetten en toch een voorstelling meepikken?

####

dinsdag 26 oktober 2010

Optocht van kinderen met hun huisdieren


Ik kom op een weg die is afgezet voor een optocht van kinderen met hun huisdieren. De kinderen hebben hun huisdieren mooi gemaakt. De vachten van veel beesten zijn beschilderd. Een oranje gespoten Boxer met blauwe poten trekt een klein meisje vooruit, in de richting van een Jack Russell in tutu die de hele tijd naar zijn balletpakje hapt tot afschuw van de kleine eigenaresse. Zijn tiara schudde hij een paar meter geleden al af. De Boxer schijnt de Jack te willen helpen, want hij gromt en bijt in de roze stof alsof het een suikerspin is en rukt de tutu van het kleine macholijf. Jack weet nog niet of hij de actie kan waarderen, maar gromt vast vriendelijk zijn tanden bloot en hapt in de poten van de Boxer. Blauwe verf kleeft aan zijn lippen.

De hele stoet komt tot stilstand, ijverige vrouwen proberen de vechtende honden uit elkaar te trekken, kinderen gillen en een jongetje met rood haar staat met zijn konijn met strik om de oren gefascineerd toe te kijken, vlak bij mij. Het konijn, verstijfd in de afgesloten mand, hoopt dat ze niet gezien wordt door de kijvende honden. Politie te paard. Hoefslag op het asfalt. De manhaftige agent - vader van een kind dat achteraan in de stoet loopt met haar papegaai die steeds dezelfde regel van Shakespeare herhaalt (‘The world is a stage / Life is a play / dress up..’) blijft hangen als een gekraste dvd in een stoffige speler en opnieuw begint - springt op Zorro-wijze van zijn rijdier en schopt de honden met zijn metalen schoenneuzen uit elkaar. Een haak in het oor van ballerina Jack waar ongelooflijk veel bloed uitstroomt, maakt de scene kompleet. Het paard van de agent heeft er genoeg van en zet het op een lopen. Het galoppeert recht op de roodharige jongen met het bange konijn naast mij af.

Wat kon ik anders doen? Ik spring voor de jongen, mijn armen en benen gespreid, de grote ruin trotserend alsof ik dapper ben. In werkelijkheid dacht ik gewoon niet na. Misschien besloot ik in een nanoseconde dat het leven van die jongen meer waard was dan het mijne, meer toekomst bood dan het mijne. Ik weet het niet. maar ik sta daar als een wrakende engel wakend voor het kind, groter te lijken dan ik ben en de pijn in mijn verstuikte enkel voel ik niet meer.

De ruin stopt. Hij staat ineens stil, centimeters van me vandaan. Met trillende hoeven. Schuim op zijn bek. Iedereen wordt stil, overweldigend stil. Dan springt de agent naar zijn rijdier en pakt het bij de teugel. De toeschouwers vatten dat op als een teken en beginnen als één man te juichen. Een vrouw omhelst me in tranen. Haar haren rood. Zij is de moeder. Ik ben een held. Iedereen wil met me praten, me aanraken, me complimenteren. ‘Hoe heet je?’ ‘Waar woon je?’ ‘Hoe kan ik je ooit bedanken?’ De uitbundige aandacht maakt me schuw. Ik zoek naar een plek om weg te duiken, maar de mensen hebben zich om me heen verzameld en ik kan nergens heen. De moeder van het jongentje heeft het in de gaten. ‘Hush, hush mensen, geef haar een beetje lucht.’ Ze neemt me bij de arm, haar zoon onder de oksel. Zo verlaten we de groep. Eer ik het in de gaten heb, zit ik bij haar in de auto.

Het konijn beweegt al die tijd niet. Ik ook nauwelijks. Schuin kijk ik naar de vrouw achter het stuur. Ik wou maar dat ze stopte en me liet gaan. De jongen op de achterbank buigt naar voren en tikt op mijn schouder. ‘Jeremy, ik heet Jeremy,’ zegt hij. ‘En dit is Chingachcook, Chinga voor vrienden.’ Hij wijst naar het konijn. ‘Dank je wel voor daarnet,’ zegt hij nog en lacht verlegen. Hij gaat weer met zijn rug tegen de leuning zitten. Dan bedenkt hij zich en richt zich opnieuw tot mij. ‘Chinga wil graag weten hoe je heet. Ik ook wel.’ Ik draai mijn hoofd om en kijk hem aan. ‘Ik ben Samya.’

###

zondag 24 oktober 2010

Schuilen


Vluchten is een levensstijl geworden. Ik vlucht inmiddels vooral ook voor mezelf. Zwarte herinneringen moeten zoveel mogelijk verstopt blijven. Doen alsof het niet zo is, alsof verleden niet is. Alle afleiding is welkom. Vaak zijn dat triviale dingen; schone nagels en gestreken kleren, kunstig haar, blinkende telefoons. Vermomming.

Oppervlakkigheid is de redding. Want zodra je de diepte in duikt, verdrink je. Vluchtelingen gaan een gesprek uit de weg, eerst uit angst om herkend en dus uitgezet te worden. Later uit gewoonte. Mensen die moeten overleven, ontwikkelen een talent voor pootje baden zonder natte voeten te krijgen. Je kunt ook zeggen dat ze een gipsen masker hebben opgezet om niet herkend te worden. En dat gips is vastgeplakt geraakt. Pleister die de haartjes en korst van de wond meetrekt bij verwijdering. Dan gaat de wond weer open. Dat doet pijn. En pijn willen we vermijden, desnoods vervangen door andere pijn.

Daarom drukte ik vroeger sigaretten uit op mijn arm. Daarom, en om praktische redenen, richt ik me nu volledig op het nu zonder na te denken, zonder voor of achteruit te gaan. Niet als een Boeddhist, maar als een fatalist. Er is geen toekomst. Ik verban het verleden. Ik denk niet, dus hoef ik, godzijdank, niet te bestaan en ik richt me op de kleine fysieke geneugten, zoals warmte en eten in mijn buik, omdat mijn lichaam, ergens diep vanbinnen nog een sprankje overlevingsdrang heeft. Ik berust en zit mijn tijd uit. Ik kan toch niets veranderen. Ik ben een lege schelp, uitgelepeld, en wacht tot het voorbij is.

Uit: Samya. Verkocht (werktitel)
###

zaterdag 23 oktober 2010

Women trafficking & the root of evil: extreme poverty


Public awareness can change laws and beat ignorance.
The ignorance of civil servants, police and clients or arbitrarily bystanders keeps trafficked women in their ghastly prisons. And if they manage to escape, they find no support, no protection, due to insufficient laws. It takes years before they are acknowledged and offered the very least: legal residence.

The good news is: Human trafficking is attracting more attention in the Netherlands lately. Journey Den Haag devoted a photo-exhibition to the problem, documentaries are broadcasted on national television, newspapers publish the appalling stories of the women, girls, and increasingly, men and boys, who have become victim.

But more is needed: the root of this (and many other) evil is in the extreme poverty of millions of people. We have to fight poverty to fight abuse.


Back in 2001, on February the 26th, Nogi Imoukhuede, Women’s Right Watch Nigeria, wrote me an email:

‘Nigeria is a country with a population of 110 million and 40% of the population are poor while some statistics have shown that up to 70% of Nigerians are affected by the scourge of poverty in one form or the other.
Due to this excruciating poverty and high unemployment levels the illegal trafficking in women and girls began to thrive in Nigeria. Countries in Europe being the usual destination most especially Italy. Our President stated recently that trafficking in women is the third largest illegal business ranking after drugs and gunrunning. Trafficking in Women has created immense wealth for the traffickers and death, sickness, misery and all sorts of dangers for the victims.
The victims are usually lured from their homes in the villages where they are told of job opportunities in Europe. As soon as the victims assent to travelling they become slaves to the traffickers. They are then transported to Europe, all their travel documents seized from them and forced to go into prostitution. In Italy, the victims often sign a bond with their sponsors to serve them for about 3 years after paying back a debt of approximately $100,000 for being brought to Italy. They are detained in hotels and are not free to move about. They are often beaten if they refuse to co-operate and sometimes killed.
The shock of their situation is very traumatic for a lot of girls. We have received reports of some losing their minds and being kept in institutions. Some have been killed by their patrons and we have also received reports of bestialities. Some become HIV positive. The girls become free after paying back the money demanded by their sponsors. If they do not pay, the sponsors send their agents to terrorize their families back home. Once the girls become free they send thousands of dollars back home to their parents who now become extremely wealthy. They build new houses and ride flashy cars and don't want to know where the money is coming from.
When the women are deported to Nigeria they come with only the dresses on their back and are escorted under tight security back to Nigeria. The Nigerian Police authorities have complained that they only receive about 3 days notice from the Italian authorities before these girls are returned.
On their return they become a public spectacle. They are paraded as prostitutes and detained in the police station before they are compulsorily tested for HIV/AIDS. Thereafter they are released to their state governments.
Our interaction with these girls show that they have undergone a character change because of the terrible things they have been forced to do. Some become extremely withdrawn and feel that they are failures. Their family members are also not happy with them because instead of bringing back wealth in dollars they have brought shame. Our records reveal that 1180 trafficked Nigerian women were deported between March 1999 and December 2000, mainly from Italy.
The Nigerian Government has not issued a rehabilitation programme for these women and girls some who are as young as 13 years.
However, women NGO groups have embarked on sensitising the public about the real motive behind trafficking in women. A bill has been presented to the National assembly to criminalise trafficking in women and children.’

August 26, 2010. Human Right Watch writes on their website:

‘Authorities in Côte d'Ivoire and Nigeria should investigate and close down networks that traffic Nigerian women and girls to Côte d'Ivoire for forced prostitution, Human Rights Watch said today. Human Rights Watch also called for collaboration among regional neighbors to improve border efforts to combat trafficking.’

Not much has changed for trafficked girls in almost 10 years. Except maybe for one thing: public awareness of human trafficking is rising…

While reaching out to the trafficked, let’s not forget: to kill the beast of slavery, trafficking and abuse, we have to kill the beast of poverty. We can do so by sharing the earth's sources, innovate on decentral clean energy production, empowerment, education and health care. We can do so by resisting oppressive regimes and racist populists.
We have to fight injustice to fight poverty. And: We have to fight poverty to fight abuse.

You can read the whole article of Human Right Watch:
http://www.hrw.org/en/news/2010/08/26/c-te-d-ivoirenigeria-combat-trafficking-prostitution
The stories of Hope Johnsson and Gloria, both trafficked to the Netherlands: www.nonfixe.nl (in Dutch)
‘Elena’s story’ www.journeydenhaag.nl

Nogi Imoukhuede was one of the human right activists who prevented Safiya Hussaini in Nigeria from being stoned. A Sharia court sentenced her to death, because Safiya was pregnant outside marriage. Her advocates collected support from people all over the world through the Internet. Their political representatives followed duly, turning Safiya’s death penalty into an international issue. Safiya survived. Thanks to rising public awareness.


#####

maandag 18 oktober 2010

Wat kunnen we doen tegen mensenhandel?


Op macroniveau: armoede bestrijden zodat mensen niet in de situatie komen waarin ze vatbaar zijn voor handelaren die mooie beloftes doen over werk en opleidingen, welke nooit worden waargemaakt. Frank heeft hierover vandaag een mooi verhaal geschreven op zijn blog: http://frankvanempel.blogspot.com

Maar dat is de lange weg.

Vrouwen (en in toenemende mate mannen of jongens) die gedwongen worden tot prostitutie, huishoudelijk of ander werk om ‘schulden’ aan reisagenten terug te betalen, zijn daar nu niet mee geholpen.

De ‘gelukkigen’ onder de slaven die kunnen ontsnappen of opgepakt worden door de vreemdelingendienst worden maar al te vaak in vreemdelingenbewaring gezet. Harde verhoren in politiebureaus en gevangenissen, nodigen niet uit om de dienstdoende diender in vertrouwen te nemen. ‘Waar kom je vandaan?’ ‘Hoe ben je hier gekomen?’ ‘Welke kleur had het uniform van de stewardess??? Net zei je dat je over een rechte weg liep en nu is de weg ineens krom. Welke van de twee is het????’ (Wie zo’n verhoor wil ervaren kan het lezen op www.nonfixe.nl: ‘Faillissement van een Bot Land’)

Een diender met het hart op de juiste plaats en een klein beetje gevoel voor realiteit, herkent een slachtoffer van mensenhandel binnen enkele minuten. Dat zijn namelijk vaak mensen die geen paspoort (meer) hebben, die weinig weten over hoe hun reis georganiseerd is en, die liegen over het land van herkomst (zoals hen met dreigementen is ingeprent)

Uit angst en schaamte wordt de waarheid liever niet verteld. De goede diender haalt er dan een ‘expert’ bij, meestal een vrijwilliger of een vreemdelingenadvocaat. Die krijgt een uurtje of wat in hetzelfde Huis van Correctie om het vertrouwen te winnen. Dat lukt niet!

Wij, van Stichting Vast in Den Bosch, werden er ook bij gehaald als de politie een inval had gedaan in een bordeel en een erg jong meisje zonder papieren ‘gevangen’ had, dat niet wilde praten en met dode ogen voor zich uit staarde. Dan maakten we de volgende afspraak: We komen en nemen iemand mee aan wie je geen vragen stelt, geen identiteitsbewijs, niks. We blijven zolang als nodig en als ze wil, nemen we het meisje mee naar huis.

Indertijd ving Vast zo’n 80 uitgeprocedeerde vrouwen en kinderen op. Een groot aantal daarvan was slachtoffer van mensenhandel. De sterksten, die al met ons gepraat hadden en overwogen om aangifte te doen, of aangifte hadden gedaan, hielpen. Zo’n sterke vrouw ging mee naar het politiebureau. Zíj praatte met het meisje in de cel. Zíj wist wat er in dat hoofdje omging. Daarna ging de kleine mee. En de eerste tijd werd er NIETS gevraagd. Ze kon in bad en kreeg eten van thuis, want er was altijd wel een landgenote in de buurt. Ze werd opgevangen in haar eigen taal door andere vrouwen die de gewoonten uit haar land kennen. En pas later, als ze een beetje aangesterkt was en wat meer vertrouwen had in de Nederlandse begeleiding, begonnen de gesprekken. Maar dan kende je elkaar al, gewoon door dagelijks dingen samen te doen.

Er ging veel mis in onze opvang van mensen zonder toekomst met een verleden dat ze liever vergaten, maar zich steeds weer opdrong. Vrouwen uit zoveel landen, met verschillende geloven en met eigen talen. Maar er ging ook heel veel goed. De vrouwen van toen, de slachtoffers van toen, zijn nu weerbare moeders met diploma’s en banen, en met littekens die af en toe jeuken, maar dan krabben ze en gaan door met hun leven.

Deze blog is in vliegende vaart geschreven na een uitzending van human.nl over BlinN: ‘samen sterk’ van en door slachtoffers van vrouwenhandel, voor slachtoffers van vrouwenhandel. Goed initiatief, maar wat valt op? Justitie in Nederland is nog geen stap verder dan in 1996, toen ik er zelf voor het eerst mee te maken kreeg. Vandaar dit bericht.

NB Voor wie wil weten hoe groot het mensenhandel probleem is (groter dan ooit te voren): ‘A crime so monstrous’ geschreven door Benjamin Skinner

###

zondag 17 oktober 2010

Ma kwijt


Achter me, voor de ingang van de bioscoop, klapt en juicht het publiek van onder de paraplu. Acteurs buigen. Een limousine met zwaailicht stopt. Mensen worden gek, willen de vrouw die uitstapt allemaal aanraken. Ik herken haar van de posters waarmee de straat is volgehangen. De acteurs banen haar een pad, ze worden gevolgd door muzikanten die droevige muziek spelen in de regen. Ik duw mensen opzij om Ma te vinden, ze is nergens te bekennen. Het is kennelijk een belangrijke première, meer auto’s rijden aan, de muziek begint te loeien. Actrice valt amechtig met haar zwarte jurk op het drijfnatte rode tapijt. Hier is Ma niet meer.
Terwijl het theater achter me een dramatisch hoogtepunt bereikt, sta ik verzopen verloren. Waar kan ze heen zijn? Ik loop een straat in, draai om, andere straat, zie nauwelijks iets in de donkere regen. Als ik niets meer voel, niets meer zie en al die mensen door mijn oren naar binnen komen, ik geen bekende stem kan ontdekken, loop ik een restaurant in en bestel koffie. ‘Doe er maar een cognac bij,’ roep ik de vrouw na. Ik lust helemaal geen cognac. Het bijt door je keel, kookt in je slokdarm en vecht met je maagzuur. Precies zoals ik me voel dus, behalve dat ik het opeens steenkoud heb. Ik vloek op Ma. Dan bestel ik ook een gerecht waarvan ik de naam niet uit kan spreken, laat staan dat ik weet wat het is. Alleen maar om mijn eigen stem te horen, zodat ik zeker weet dat ik er nog ben, zichtbaar en hoorbaar. Iemand die iedereen verliest, moet opletten zelf niet als rook te verdwijnen. De serveerster ziet en hoort me. Ze brengt een enorm bord met rijst en saus vermengd met kip om naast het onaangeraakte glas cognac te zetten. Peinzend staar ik naar het stilleven voor me. Er ontbreekt nog iets. De koffiekop dissoneert. Ik wenk de serveerster die precies aan de goede kant van mijn tafel komt staan, vooral nu ze dat koffiekopje in haar hand heeft. Laat haar even wachten en maak een mentale foto. Dan vraag ik om een groene salade voor de kleur en rode wijn. Dat laatste daar heb ik nu wel zin in. ‘Breng maar twee glazen,’ zeg ik haar. ‘Twee rode wijn.’ Met het ene glas in mijn hand herschik ik de tafel zo dat de compositie naar mijn zin is. Dan drink ik rustig, genietend van de overvloedige harmonie voor me. Stoel een beetje naar achter geschoven. Mijn gedachten krijgen langzaam weer vorm.

###

vrijdag 15 oktober 2010

Facebook on stage


Martina hesitatingly speaks out oneliners about herself. She is alone in the large space. Nobody answers her. Then from the dark a girl called Micha says: ‘I like this’. Martina found her first friend. After that, things grow easy for Martina. The number of followers accumulates and she gets cloud. They push the button, ‘like’, whatever and whenever Martina shares. Martina is popular; she has value kindly provided to her by her followers.

Juvenile absolutism is as old as youth itself. Teenagers judge themselves and their peers, like a forest the autumn – the more fallen leaves, the more autumn – the more friends, the more Me.
Nowadays you need at least some 200 friends to count.

Anastasia enters the room. She has a problem. Talks about the help she gets. She is gonna be a good girl. ‘Boring’, is the verdict. Anastasia, an energetic girl, is thriving for attention. ‘Boring? Let me show you!’ Anastasia starts to strip. In the meantime Martina hurts herself in public: ‘I’d like to share this with you’.

Five girls suffer from a disease called ‘emptiness’. Hollow phrases ‘like’ and ‘dislike’ deliver instant gratification, but offer no grounding. And you need more, more, more...

Who am I? if my identity is decided by the likes and number of barely known followers. How can I keep standing barely dressed on my high heels – trying to look sexy and to evoke admiration - against the dark purple background of contemporary economic crises, divorcing and self-absorbed parents and migration issues.

Dancing frantically, ‘sharing’ even more frantic. No direction, alone in a crowded world, complete chaos, sex, violence and eventually death. Emptiness is what they feel, and they don’t have a clue how to fill the hole.

‘I can ride a horse whilst juggling so marry me’ by Jan Martens. Seen at theatre de NWe Vorst, Tilburg

###